Meer dan 218 miljoen kindarbeiders op de wereld leven in armoede, met weinig hoop op een beter leven. Het is tijd om een einde te maken aan kinderarbeid. Laat merken dat je kinderarbeid niet accepteert en bouw mee aan Child Labour Free Zones.
 

GAWU helpt boeren aan het werk en kinderen naar school

In een land met hoge werkloosheid en veel kinderarbeid is het hard werken voor de vakbonden. Ruim 70 procent van de bevolking in Ghana zit in de landbouw. De General Agricultural Workers Union (GAWU) is dan ook een van de grootste vakbonden van het land. Andy Tagoe vertelt over de lopende projecten die met financiele steun van FNV Mondiaal uitgevoerd worden. “We proberen de armoede te bestrijden.”


Andrews Addoquaye (Andy) Tagoe is GAWU’s programmahoofd voor onder meer kinderarbeid, gezondheid en veiligheid. In een interview vertelt hij over zijn werk.

Wat heb
ben jullie tot nu toe bereikt?
“Ghana telt ruim 23 miljoen inwoners, waarvan 70 procent in de landbouw werkt. Zo’n 8 miljoen zijn kleine zelfstandige boeren. Zij zijn nog niet allemaal lid van de GAWU, maar inmiddels hebben we een groot aantal van hen bereikt en zijn we landelijk vertegenwoordigd. “We proberen de armoede te bestrijden. De kleine zelfstandige boeren wachten twee keer per jaar op de groei van hun groentes. Dan verwerven ze geen inkomen en zijn ze dus erg arm. We bieden ze voor die periode ander werk, zoals het vangen van sprinkhanen, die als delicatesse gelden in Ghana. Ook leren we ze slakken telen en verkopen. Daarnaast hebben we de boeren laten zien hoe ze gebruik kunnen maken van de banken en helpen we hen bijvoorbeeld met het leggen van contacten met lokale overheden. We doen veel aan advocacy en voeren campagnes.

Welke activiteiten heeft GAWU ontwikkeld rondom cacao en kinderarbeid?
“Ons onderzoek naar kinderarbeid op de cacaoplantages stamt uit 2006. Dit was het eerste onderzoek dat naar kinderarbeid is gedaan. De overheid las het, evenals alle ngo’s en nu staat het hoog op de agenda. Onze interesse voor kinderarbeid is door onze leden veroorzaakt. Zij willen dat hun kinderen het beter krijgen. We proberen werkgevers mee te krijgen in de strijd tegen kinderarbeid. In Ghana zijn 2 miljoen kinderen aan het werk.“In 6 van de 10 regio’s groeit cacao. We zijn begonnen met een campagne voor hogere prijzen, zodat de boeren meer overhouden en hun kinderen niet hoeven mee te werken. Ook voeren we campagne voor verhoging van de consumptie van cacao. In chocolademelk hoort meer cacao dan melk.“Per gemeenschap voeren we campagne, waarbij we de hoofden, opinieleiders en schooldirecteuren betrekken. We richten kinderclubs en theatergroepen op en organiseren voetbalwedstrijden. Onze visie is: werk is voor volwassenen en kinderen hebben recht op onderwijs en spelen. We willen de cirkel verbreken. Als volwassenen geen werk hebben, omdat kinderen tegen te lage lonen werken, dan krijgen zij straks kinderen die hen weer werkloos maken. Dat moet anders.

Wat is jullie inspiratiebron?
“Ik ben in 2004 op uitnodiging van FNV Mondiaal bij de MV Foundation in India geweest. Daar heb je de bridgeschool, een tussenschool voor kinderen die altijd hebben gewerkt en worden toegeleid naar het reguliere onderwijs. Dit idee hebben we geadopteerd. We hebben scholen opgericht voor kinderen tussen de 10 en 16 jaar die worden opgevangen om later door te leren. Soms komen er ook 19-jarigen die graag naar de universiteit willen.“Verder hebben we kinderarbeidvrije zones ingesteld. Inmiddels zijn er nu zo’n 25 à 30 boerderijen met het schild ‘kinderarbeidvrije zone’. Dat eerste bord plaatste ik in 2007 in een boerendorp. We richten ons in eerste instantie niet op hele dorpen, maar op boerderijen, zodat zij als goed voorbeeld voor de buurt kunnen dienen en elkaar kunnen inspireren. Het leuke is: ze controleren elkaar. Als er op zo’n kinderarbeidvrije landerij een kind wordt gespot, dan wordt dat onmiddellijk gemeld. Zo houden ze elkaar scherp.”

Astrid van Unen
4 december 2009